Welk voer geef je in november aan mezen en hoeveel gram per dag?

Welk voer geef je in november aan mezen en hoeveel gram per dag?

In november geef je mezen het best vetbollen zonder plastic netje, ongezouten pinda's en zonnebloempitten, samen ongeveer 10 tot 20 gram per mees per dag. Dat lijkt weinig, maar een koolmees of pimpelmees weegt maar 10 tot 20 gram zelf en verbrandt op koude dagen veel energie. Begin liever klein en vul dagelijks bij, dan dat je één keer een grote hoeveelheid ophangt die bederft.

Waarom mezen in november extra voer nodig hebben

Zodra de insecten verdwijnen, wordt vet en eiwit schaars. Een mees moet 's nachts de koude overleven en daarbij kan hij tot een tiende van zijn lichaamsgewicht verliezen. Overdag moet dat weer worden aangevuld. Een voerplek in je tuin kan dan het verschil maken, zeker bij nachtvorst of een dun sneeuwdek.

Wat geef je en wat laat je liggen?

Goed voer

Zonnebloempitten (liefst gepeld of zwart zonnebloemzaad), ongezouten pinda's in een fijnmazig voederzuil, vetbollen en strooivoer met veel vet. Koolmezen en pimpelmezen gaan vooral af op pinda's en vet, en komen ook graag aan zaad in een hangend voederhuisje.

Wat je beter niet geeft

Geef geen brood, gezouten snacks, restjes van de maaltijd of vetbollen in een plastic netje. In dat netje kunnen vogels met hun poot of snavel verstrikt raken. Kies liever een bol zonder netje, of een houder van metaal.

De rekensom per dag

Stel dat er gemiddeld zes mezen in je tuin komen en elk zo'n 15 gram eet. Dat is 90 gram per dag, ongeveer één standaard vetbol van 90 gram. Hang je twee bollen op, dan komen er meer vogels bij en moet je vaker bijvullen. Over een week praat je dan over circa 630 gram voer, dus ongeveer zeven bollen. Reken op ongeveer €1,50 tot €3 per bol als je ze los koopt.

Waar hang je het voer op?

Kies een plek op ongeveer twee meter hoogte, op minstens twee meter van dichte struiken waar een kat zich kan verschuilen. Een open plek in het zicht van een boom of struik geeft de vogels een veilige uitkijkpost. Plaats het voer ook niet te dicht bij een raam: voer op meer dan een meter van het glas, of juist direct op het raam, voorkomt dat vogels met volle snelheid tegen de ruit vliegen.

Hygiëne en andere dingen om op te letten

Maak voederhuisjes minstens eens per twee weken schoon met heet water zonder zeep. Vochtig of beschimmeld voer kan ziektes verspreiden, zoals de bekende vinkenziekte. Haal oud voer weg en strooi niet te veel tegelijk. Geef water in een ondiepe schaal en zorg dat dat niet bevriest.

Wanneer stop je met bijvoeren?

Veel mensen voeren van november tot ongeveer maart, en dan alleen zolang er koud weer is. In het voorjaar vinden de vogels weer genoeg insecten voor hun jongen. Stop dan geleidelijk en laat de voerplek niet ineens leeg achter als het nog vriest. Zo help je mezen door het koude seizoen heen zonder dat ze afhankelijk worden van jouw tuin.