September is de maand waarin de eerste vliegenzwammen massaal boven de grond komen. De rode hoed met witte stippen is de bekendste paddenstoel van Nederland, en toch lopen veel wandelaars eraan voorbij zonder te weten waar ze moeten zoeken. In dit artikel lees je op welke plekken je in september de grootste kans maakt, hoe je de vliegenzwam met zekerheid herkent en waarom je hem beter niet aanraakt of meeneemt.
Waar vind je vliegenzwammen in september?
De vliegenzwam leeft in symbiose met bomen, vooral met berken en in mindere mate met eiken en naaldbomen. Zoek dus in de buurt van berkenstammen, op zandgrond en in licht, open bos. Kansrijke gebieden zijn de Veluwe, de Utrechtse Heuvelrug, de Drentse en Brabantse bossen en de duinbossen langs de kust. Ook stadsparken en bermen met oudere berken leveren verrassend vaak vliegenzwammen op, soms gewoon langs het fietspad.
Het seizoen begint meestal in de tweede helft van augustus en piekt van half september tot eind oktober. Na een paar dagen regen gevolgd door mild weer schieten ze letterlijk uit de grond: een dag of twee na een flinke bui is het beste moment om te gaan kijken.
Zo herken je de vliegenzwam
Een volgroeide vliegenzwam heeft een scharlakenrode tot oranjerode hoed van 10 tot 20 centimeter doorsnede, bedekt met witte vlokken. Die vlokken zijn restanten van het vlies waar de jonge paddenstoel uit groeide, en kunnen na zware regen deels wegspoelen. De steel is wit, 10 tot 25 centimeter hoog, met een hangende ring en een verdikte, geschubde voet. De plaatjes onder de hoed zijn wit, net als de sporen.
Jonge exemplaren zien er anders uit
Een jonge vliegenzwam lijkt op een wit, rond balletje dat nog grotendeels onder het strooisel zit. Pas als de hoed zich opent, verschijnt de rode kleur. Verwar hem niet met de parelamaniet, die een bruinige hoed met grijswitte vlokken heeft, of met de keizersamaniet, die in Nederland nauwelijks voorkomt.
Giftig, maar onmisbaar voor het bos
De vliegenzwam is giftig voor mensen en huisdieren: eten kan leiden tot misselijkheid, duizeligheid en hallucinaties. Alleen aanraken is niet direct gevaarlijk, maar was daarna wel je handen. Belangrijker is dat je de paddenstoel laat staan. Het zichtbare deel is slechts het vruchtlichaam van een ondergronds schimmelnetwerk dat bomen helpt water en voedingsstoffen op te nemen. Plukken verstoort de sporenverspreiding en is in veel natuurgebieden bovendien verboden.
Tips voor het spotten
Ga in de ochtend op pad, dan is het licht mooi zacht voor foto's en zijn de hoeden nog gaaf. Loop langzaam en kijk vooral binnen enkele meters van berkenstammen. Neem eventueel een klein spiegeltje mee om de witte plaatjes onder de hoed te bekijken zonder de paddenstoel te beschadigen.
Kortom: zoek in september bij berken op zandgrond, ga een dag of twee na regen en let op de rode hoed met witte vlokken. Wie op de Veluwe, de Heuvelrug of in de duinbossen wandelt, hoeft zelden lang te zoeken.